Nieuws.

Bestemmingswijziging onder Crisis- en herstelwet eenvoudiger te regelen

Op 14 juni 2013 stemde de ministerraad in met de zevende tranche van het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet (hierna: de zevende tranche). De zevende tranche maakt het mogelijk om zonder planschadetoekenning een bestemming te wijzigen als een stuk grond met bouw- en gebruiksmogelijkheden drie jaar ongebruikt is gebleven.

Het besluit uitvoering Crisis- en herstelwet is een uitwerking van de Crisis- en herstelwet die dateert van maart 2010. In onze nieuwsbrieven van 11 september 2012 en 14 mei 2013 zijn reeds eerder berichten verschenen over deze wet die dient als maatregel om de economische crisis te bestrijden. De wet heeft tot doel grotere bouw- en infrastructurele projecten te bespoedigen. De zevende tranche is een uitwerking van het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet. De Tweede Kamer moet haar reactie nog geven op de zevende tranche en de Raad van State dient ook nog advies uit te brengen.

De zevende tranche biedt de mogelijkheid aan een aantal gemeenten (Almere, Assen, Culemborg, Den Haag, Enschede, Weesp en Zaanstad) om te experimenteren met een bredere reikwijdte van het bestemmingsplan. De bestemmingsplannen krijgen onder de zevende tranche het karakter van het omgevingsplan dat wordt opgenomen in de nog in werking te treden Omgevingswet. In het kader van dit experiment mogen de gemeenten afwijken van onderdelen van de Wet ruimtelijke ordening, het Besluit ruimtelijke ordening, de Wet geluidhinder, het Besluit geluidhinder, de Wet milieubeheer en het Activiteitenbesluit milieubeheer.

Een opvallend punt uit de zevende tranche is dat bij de vaststelling van het bestemmingsplan kan worden besloten dat in afwijking van artikel 6.1, eerste lid van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) geen recht op planschade bestaat bij het vervallen van planologische bouw- en gebruiksmogelijkheden die ten minste drie jaar ongebruikt zijn gebleven. Het idee achter dit experiment is om nieuwe initiatieven te faciliteren.

In de huidige tijd is er weinig tot geen vraag naar bijvoorbeeld kantoren of bedrijventerreinen. Terwijl deze functies wel veel in bestemmingsplannen zijn opgenomen die dateren van voor de economische crisis. Projectontwikkelaars wensen veelal een andere bestemming op de gronden mogelijk te maken, onder andere via transformatie van bijvoorbeeld kantoorgebouwen. Vaak is in dit soort situaties een wijziging van het bestemmingsplan nodig of dient een omgevingsvergunning tot afwijking van het bestemmingsplan aangevraagd te worden. Als sprake is van een verouderd bestemmingsplan geven gemeenten er meestal de voorkeur aan om het bestemmingsplan te wijzigen. Gemeenten zijn echter soms terughoudend in het wijzigen van het bestemmingsplan, omdat zij vrezen met hoge planschadeclaims te worden geconfronteerd.

De zevende tranche voorziet erin dat bij het vaststellen van het bestemmingsplan de gemeenteraad kan besluiten tot afwijking van artikel 6.1, eerste lid, Wro (dat ziet op planschadetoekenning) als de afwijking betrekking heeft op planologische bouw- en gebruiksmogelijkheden die ten minste drie jaar ongebruikt zijn gebleven. Er bestaat dan geen recht op planschade voor grondeigenaren. Grondeigenaren zullen echter wel tijdig op de hoogte gesteld dienen te worden van een bestemmingswijziging.

De zevende tranche is slechts een experiment, maar indien de gemeente op grond van nieuwe wetgeving niet verplicht is om planschade toe te kennen is het aannemelijk dat gemeenten sneller over zullen gaan tot het wijzigen van het bestemmingsplan. Slangen Advocaten houdt nieuwe ontwikkelingen hieromtrent in de gaten, zodat wij u van een gedegen advies kunnen voorzien als u met een bestemmingswijziging te maken heeft.

Fiona Sassen
sassen@slangen-advocaten.nl
10 september 2013

Overig nieuws

Meer nieuws
2011 Slangen Advocaten