Nieuws.

Niet-nakoming van toezegging gemeente is onrechtmatig!

Op 19 juni 2015 heeft de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2015:1683) bepaald dat de gemeente Zoeterwoude onrechtmatig heeft gehandeld door het niet nakomen van de toezegging dat een bestemmingswijziging is toegestaan en dat deze opgenomen zou worden in het nieuw vast te stellen bestemmingsplan.

De casus die bij de Hoge Raad voor lag, was de volgende. Een architect had in 1987 een oud gemaal van een waterschap gekocht. De architect heeft de gemeente verzocht om medewerking te verlenen aan de restauratie van de dienstwoning van het oude gemaal en het gemaal hierna als woning in gebruik te nemen. Het college van burgemeester & wethouders heeft de architect laten weten dat zij er in beginsel behoudens instemming van de gemeenteraad en Gedeputeerde Staten mee instemmen dat de voormalige en te restaureren dienstwoning wordt verbouwd en dat de voormalige dienstwoning met de bestemming 'woondoeleinden' opgenomen zal worden in het (nog vast te stellen) ontwerp-bestemmingsplan Landelijk Gebied (1989).

De gemeente is echter vergeten de voormalige dienstwoning met bestemming woondoeleinden op te nemen in het nieuwe bestemmingsplan. De gemeente zou de vrijstellingsprocedure in werking stellen om het gebruik van de voormalige dienstwoning als woning alsnog mogelijk te maken. De gemeente verleende uiteindelijk geen vrijstelling van het nieuwe bestemmingsplan (omdat Gedeputeerde Staten zich niet konden vinden in de vrijstelling van het bestemmingsplan) en de architect heeft tot aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State geprocedeerd tegen dit besluit, maar de voormalige dienstwoning heeft de bestemming 'woondoeleinden' nooit gekregen.

De architect stelt zich in deze civiele procedure op het standpunt dat de gemeente onrechtmatig heeft gehandeld, omdat de gemeente haar toezegging de woning met bestemming woondoeleinden in het bestemmingsplan te zullen opnemen, niet is nagekomen. De architect vordert ook schadevergoeding van de gemeente die hij heeft geleden vanwege de 'gemiste kans' die hij heeft gelopen ten gevolge van het niet kunnen restaureren en het wijzigen van de bestemming van de voormalige dienstwoning naar woning.

De Hoge Raad oordeelt dat de architect schade heeft geleden. De schade bestaat in een gemiste kans op verwezenlijking van zijn plannen. Het onzekere antwoord op de vraag of de woonbestemming van de voormalige dienstwoning in het bestemmingsplan uiteindelijk zou zijn gekomen, moet worden meegenomen in het bepalen van de grootte van de gemiste kans. Via een schadeberekening moet de werkelijke schade worden vastgesteld. De grootte van de gemiste kans en de geleden schade kan ook bij schatting worden bepaald, aldus de Hoge Raad.

Uit dit arrest blijkt dat het soms wel de moeite waard is om te procederen tegen de overheid als een 'harde' toezegging is gedaan dat een ruimtelijke ontwikkeling toegestaan is. De rechtspraak zal wel nog uit moeten wijzen hoe hoog de schade is bij een dergelijke 'gemiste kans'.

Fiona Sassen
sassen@slangen-advocaten.nl
27 oktober 2015

Overig nieuws

Meer nieuws
2011 Slangen Advocaten