Nieuws.

Wetsvoorstel ďtijdelijk hurenĒ van woonruimte

Het huidige kabinet wil dat er meer mogelijkheden komen voor het aanbieden van tijdelijke huurcontracten teneinde de doorstroming op de woningmarkt te verbeteren en bijzondere groepen sneller te voorzien van een betaalbare woning. De voorgenomen wijzigingen zijn door Minister Blok (Wonen en Rijksdienst) in een brief van 11 april 2014 aan de Tweede Kamer aangekondigd.

De voorgenomen wijzigingen zullen worden opgenomen in het wetsvoorstel ‘tijdelijk huren’. Het wetsvoorstel zal naar verwachting dit najaar bij de Tweede Kamer worden ingediend en zal het volgende omvatten:

•een uitbreiding van de specifieke categorieŽn van ďdringend eigen gebruikĒ (artikel 7:274 leden 1 onder c. jo leden 2 en 4 BW) met een aantal nieuwe categorieŽn, namelijk jongeren, starters (5-jarencontract) en grote gezinnen en mogelijk een door het College van Burgemeester en Wethouders aan te wijzen groep personen. Achtergrond van deze uitbreiding is dat het wenselijk is om een woning die specifiek bestemd is voor een bepaalde doelgroep ook voor die doelgroep beschikbaar te houden en het dus mogelijk te maken om de huur op te zeggen wanneer het huishouden dat er woont niet langer tot die doelgroep behoort. Na vertrek van de huurder dient de woning opnieuw ter beschikking te komen aan een huurder uit dezelfde doelgroep.

•introductie van een nieuwe vorm van tijdelijk huren: de huurovereenkomst voor bepaalde tijd met een maximum duur van 2 jaar. Het is wenselijk aan verhuurders duidelijkheid te verschaffen wanneer zij een tijdelijke huurovereenkomst kunnen sluiten waarbij van tevoren zeker is dat de huur eindigt na de overeengekomen bepaalde periode. De huurbescherming met alle opzeggingsformaliteiten geldt in dat geval niet, de huurder kan zich nog wel beroepen op de huurprijsbeschermingsbepalingen. De Minister denkt aan tijdelijke huurovereenkomsten voor studenten, arbeidsmigranten, werknemers in noodzakelijke sectoren (verpleegsters, agenten) en kenniswerkers. Deze groepen hebben volgens de Minister behoefte aan tijdelijke huisvesting tijdens hun periode van studie of werk. Ook worden overlastgevende huurders genoemd. Mocht het met deze huurder in de bepaalde periode mis gaan, dan kan de verhuurder de huurovereenkomst beŽindigen.

•uitbreiding van de Leegstandwet met de categorie te koop staande huurwoningen. De Minister is voornemens de Leegstandwet zo te wijzigen dat de categorie te koop staande huurwoningen als een nieuwe categorie tijdelijk te verhuren woningen wordt opgenomen. Voor deze categorie zullen de reguliere termijnen voor vergunningverlening (maximaal twee jaar, verlenging met maximaal ťťn jaar tot maximaal vijf jaar) gelden, evenals de huurprijsbescherming.

•aanpassing van de zogenaamde diplomatenclausule (artikel 7:274 lid 1 onder b. jo lid 2 BW). Het voornemen is om de tekst van artikel 7:274 lid 2 zo aan te passen dat bij afwezigheid van een eigenaar/huurder de woning tussentijds aan meerdere opvolgende tussenhuurders kan worden verhuurd. Ook moet het mogelijk worden de huurovereenkomst voor bepaalde duur te verlengen bij langere afwezigheid van de eigenaar/huurder.

•uitbreiding van de campuscontracten met promovendi. Artikel 7:274 lid 1 onder c. jo lid 4 van het BW (studentenhuisvesting) wordt uitgebreid met de categorie promovendi, zodat studentenhuisvesters ook promovendi tijdens hun promotie kunnen huisvesten en de huur na afloop van het promotieonderzoek kunnen opzeggen.

Jetske Heikens
heikens@slangen-advocaten.nl
7 mei 2014

Overig nieuws

Meer nieuws
© 2011 Slangen Advocaten